COLUMN: De derde van 1999
11 september 2026 18:00 - Anton Schilder
Foto: Pro Shots

Armando Obispo heeft me dit seizoen al twee keer van mijn stoel gekregen. Beide keren speelde hij gewoon een pass. De eerste was in de vijfde minuut in Amsterdam. De bal lag op zijn linker, er kwamen er twee op hem af. In plaats van terug te spelen stapt hij één keer de goede kant op. Dan is hij weg. Op die eerste meters is Obispo sneller dan een man van zijn afmetingen hoort te zijn. Dat is waarom er twee Ajacieden in het niets staan te draaien. De lange bal komt bij Perišić. Voorzet op Guus Til, kopbal terug richting de eerste paal waar Pepi hem binnenknikte. Nog geen vijf minuten gespeeld.
De tweede keer was afgelopen donderdagavond. Aan de andere kant van het veld speelde Van Bommel hem in, nam hij hem mee de zestien in om breed te leggen op Sergiño Dest waardoor PSV op gelijke hoogte kwam.
Dat is wat me deze week is opgevallen en waar ik geen enkele analist over heb gehoord. Obispo verdedigt niet om de schade te beperken. Hij verdedigt om de bal te krijgen. Wat hij er daarna mee doet is elke keer een halve meter agressiever dan wat je van hem verwacht.
Begin tegen een PSV'er over de lichting uit bouwjaar 1999 en hij begint over Cody Gakpo. Dan komt Jordan Teze. Als het gesprek lang genoeg duurt komt Obispo er nog achteraan. Twee van die drie zijn ergens anders iets geworden. De derde staat al twintig jaar op De Herdgang en er wordt over hem gepraat zoals je over meubilair praat. Hij is er. Hij staat er. Er is altijd wel iemand die vindt dat hij weg moet en er is altijd wel een blessure die dat vanzelf regelt. In juli was hij voor vijfenhalf miljoen euro zo goed als verkocht aan RC Lens en niemand van ons lag daar wakker van, mezelf incluis.
Nu staat hij er alweer vijf wedstrijden op rij. Dat is voor de meeste spelers geen nieuws en voor hem meer dan hij in jaren aaneengesloten heeft gehad. Als hij dit volhoudt tot de winter, dan hebben wij allemaal tien jaar lang naar de verkeerde man in die verdediging gekeken.

